Django

Bij het horen van de snelle ritmiek van de zigeuner Jazz van Django Reinhardt, vergeet je dat de man 3 vingers had waarmee hij tokkelde op zijn gitaar. Zijn pink en ringvinger waren verlamd. Zijn geluid is onmiddellijk te herkennen en als het wordt nagespeeld door een ander, dan weet je dat hij het niet is.

Zoals Lou Reed jaren 60 en 70 New York is en Johnny Rotten eind jaren 70 Django ReinhardtLondon, is Django Reinhardt jaren 20, eigenlijk 30 Parijs. En er is geen betere fotograaf die dat Parijs van die tijd beter heeft uitgebeeld dan Brassaï. Het decadente Parijs van Sodom en Gomorra. Het Parijs van Anaïs Nin en Henry Miller. De tijd van Dada en het surrealisme van André Breton en Salvador Dali.
Waar kunstenaars, schrijvers en artiesten het moderne leven onderzochten en tot werkelijkheid brachten. Het Parijs van Pablo Picasso en Ernest Hemmingway, ‘the lost generation’.

Brassaï fotografeerde dikke lelijke tippelde prostitué’s op straat onder een lantaarnpaal, of zichzelf wassend na de daad. Hij fotografeerde ballet meisjes bij de Follies Bergére. Lesbiennes in mannen pakken, nichten tijdens het carnaval. De meest spraakmakende foto is de oude hoerenmadam die oud vervallen opgemaakt is. Te dik van het eten met te veel opgespoten parfum, welk je nog kan ruiken nadat je de bladzijde hebt omgeslagen. De verlaten straten van Parijs met de eenzame verlichte lantaarnpaal.

Dit is de illustratie van Django’s muziek… ook al zal hij dat ontkennen. Hij speelde altijd op akoestische gitaren ontworpen door Mario Maccaferri, gebouwd door Henri Selmer. Hij kon geen noot lezen en toch componeerde hij honderden stukken muziek. Hij was de swing van Parijs.

En nog steeds wordt hij bewonderd. Hoe éénkennig mensen zijn met muziek, zijn muziek gaat over van een generatie naar de ander, zonder oubollig te worden gevonden. Mijn moeder houdt er van, mijn vader, mijn oma, mijn broertjes. Ik weet zeker dat hun kleinkinderen gemotiveerd worden door het snelle ritme van de zigeuner swing.